Mogelijk historisch scheepswrak aangetroffen

ANDIJK – In de zgn. Proefpolder Andijk, een stukje van de Zuiderzee dat in 1926 werd omdijkt en drooggelegd, is een deel van een historisch schip blootgelegd.  Op verzoek van gemeente Andijk heeft de archeologische dienst van Hoorn de vondst meteen bekeken en het eerste vermoeden was dat het hier ging om een beurtschip van rond 1500. De kans is echter groter dat het gaat om een 'bomschuit' van na 1850. (Een bomschuit is een vissersschip zoals dat tussen 1850 en 1914 werd gebruikt. Breed, met een zware platte bodem.) Dat blijkt uit informatie van onder meer de stichting Oud Andijk. Voorzitter Jos Kuin heeft uit een boek van het ministerie van Waterstaat een rapportage gevonden over de Zuiderzeewerken tussen 1919 en 1929. Daarin wordt gemeld dat de tijdelijke pompinstallatie waarmee de Proefpolder is drooggemalen was opgesteld op zo'n oude 'bomschuit'. De schuit is destijds naar binnen gevaren, de dijk is gesloten en het malen is begonnen. Hij lag precies op de plek waar nu het wrak is aangetroffen. Andijker Jaap van de Gruiter (71) zegt dat hij als kind bij lage waterstanden delen van het schip kon zien. Aanvullend archeologisch vervolgonderzoek om de restanten definitief te dateren is in eerste instantie mislukt, zodat men op korte termijn eerst een ander stuk hout zal laten onderzoeken. Betrokken archeologen zijn inmiddels wel geneigd de visie van Oud Andijk te volgen, maar linksom of rechtsom wordt de vondst door alle partijen omschreven als "archeologisch interessant". In de drooggelegde hoek aan de Westfriese Omringdijk bij Andijk zijn tegenwoordig recreatieparken gevestigd. Het scheepswrak werd gevonden bij de aanleg van een zandstrandje. Het is wel beschadigd geraakt toen het op het droge werd getrokken. Om het schip te behoeden voor uitdroging is het direct met zeilen afgedekt. "Als de zon er op staat zie je'm van je afvallen", zei een Hoornse archeoloog."Maar het is wel goed dat ze meteen hebben gebeld, want dit is een bijzondere vondst."